vrijdag 25 oktober 2013

Kletskous


O, hoi, wat leuk dat jij hier ook bent! Ja, ik dacht, Gerard heeft me al zo vaak uitgenodigd, dan moet ik toch echt eens komen. Geinig hè, wist jij dat hij zo goed gitaar kon spelen? Nee, hè, ik ook niet. Ja, hij zit al jaren in dat bandje. Ik kan me herinneren, wanneer was dat, dat moet toch wel zijn geweest toen we elkaar net leerden kennen, hij was een vriend van Jeffrey, die jongen uit West waar ik een tijdje mee heb gedate, je weet wel, toen hij net begon. Hij zei het nog, dit is mijn droom, eindelijk kan ik in een bandje spelen, eindelijk kan ik mijn liedjes laten uitvoeren! Hij was er zo vol over, echt. En nu staat hij hier. Ja, hij heeft hier al eerder gestaan en op andere podia ook. Het kwam er nooit van. Ik ben gewoon niet zo’n concertganger.

Maar hoe is het met jou? Ik heb je al zolang niet meer gezien! Wanneer was de laatste keer, was dat niet met Erwin-Peter en Solange, op dat feestje van Robert-Jan en Kuijf? Hoe is het met hun eigenlijk? Ik zag ze een week geleden nog en ze hadden het over het adopteren van een kindje! Ja, geweldig, hè? Ik kan niet zeggen dat het me verrast, nee. Ze waren altijd al zo verzorgend bezig, met zichzelf en met ons en andere vrienden. Ja, nee, oké, jij hebt er ook niks over gehoord. Nou, jammer dat ze er niet zijn, ja. Nou ja, vertel eens over wat jij allemaal hebt gedaan, sinds, is het al een maand, wat een tijd, hè?

Goh zeg, dat is inderdaad heel wat. Ik zou het ook niet weten hoor, als me dat overkwam. Misschien dat ik dan hard zou wegrennen. Ik ben zo’n schijterd, dat weet je, ik kan absoluut niet tegen bloed. Of tegen kwallen. Maar toen je daar dan aan was gekomen, bij het ziekenhuis? Ja, ah, ja, natuurlijk, natuurlijk. Gelukkig zeg… Nou, ik ben zooo blij voor je dat het is gelukt, ja, wacht even, kijken want Angien zegt. Wat? Ja, sorry, ik hoor je niet zo goed, de muziek is wat hard, wacht, ik kom even bij je zitten. O, nou spelen ze rustiger, gelukkig, dat is beter. Ze willen wel veel aandacht, hè? Nee, geeft niet, hoe is het met jou, joh, ben je nog naar die sportzaal gegaan waar ik het toen over had, wat vond je van die spinningklas? Heftig, hè?

Och, hey, kijk ze zijn klaar. Ja, zo snel, zeg, nou applaus, hoor, applaus! Wat leuk toch voor Gerard! Heb jij nog zin in een biertje, kunnen we even bijpraten.


 foto M. Ozymantra

donderdag 17 oktober 2013

Imperium

Onlangs heeft de president van Brazilië, Dilma Rousseff, bij de Verenigde Naties een toespraak gehouden over het spionageschandaal. Ze was er allerminst gecharmeerd van dat zij persoonlijk en Braziliaanse bedrijven werden bespioneerd. In DeMorgen werd zelfs gesproken over een historische toespraak. Brazilië, dat zo’n beetje een achtertuin van de VS heet te zijn heeft dus iets gedaan wat nog geen ander land sinds een hele tijd heeft gedurfd: de VS openlijk aanspreken op wangedrag. Direct na haar sprak Obama met geen woord over de beschuldiging. Het ging hem blijkbaar niet aan. Al eerder hebben de Amerikanen bij monde van hun president in niet mis te verstane woorden laten merken dat het ze weinig kan schelen wat wij er van vinden. Ze maakten zich vooral zorgen over binnenlandse spionage door de NSA. Blijkbaar zijn we geen gelijkwaardige partners meer.

In zijn toespraak maakte Obama duidelijk dat de VS er alles aan zal doen zijn belangen in de rest van de wereld te verdedigen. Hij maakte ook duidelijk dat de Golfoorlog geen idealistische oorlog was om de democratie te redden, maar uit economisch gewin plaatsvond. Dat mag natuurlijk geen verrassing zijn. Iedereen met inzicht in machtspolitiek weet dat het zo gaat. Maar er zijn genoeg mensen die de illusie graag in stand hielden of houden. Leven met zo’n grote en machtige buur kan anders behoorlijk benauwend zijn. Veel van de Amerikaanse presidenten zelf deden daar graag aan mee. Dat Obama er zo openlijk voor uitkomt betekent dan ook wat, lijkt mij.

In het stuk van De Morgen wordt geschreven dat de VS blijkbaar te zwak is om zijn macht op de oude indirecte manier uit te oefenen. Met handelsbedreigingen, boycots, politieke druk etc. De VS zou nu zijn toevlucht zoeken tot direct dreigen met geweld en geweld zelf gebruiken omdat ze geen andere mogelijkheid ziet. Maar is de VS zo zwak? Is dat werkelijk zo? Hoe lang zal het duren voor de VS zijn spionagesysteem opgeeft omdat mevrouw Rousseff er om heeft gevraagd? Obama zegt dat wij, de wereld, de VS vragen om politieman te spelen, dit in tegenstelling tot wat de VS zelf wil. Maar hij zal zich opofferen, en de soldaten, en de drones, hij zal de orde handhaven, en vooral de energiemarkt in de gaten houden. Vooral ervoor zorgen dat Amerikaanse economische belangen worden beschermd.

Misschien dat ze sinds het ineenstorten van de Sovjetunie in principe al politieman en rechter van de wereld waren, maar dit gebeurde tenminste onder het mom van vrede en democratie. Dat ze toen werden beschuldigd van imperiale neigingen, in het voetspoor van het Romeinse Rijk, was misschien overdreven. Maar de combinatie van letterlijk macht over het internet, zowel de servers staan daar, de protocollen worden door hen beheert, als de meeste grote bedrijven en wat erop staat (via bijvoorbeeld de NSA), de macht over voedsel via bijvoorbeeld Monsanto, macht over het geldverkeer via Goldman-Sachs, de normale militaire macht uitgebreid met computergestuurde drones EN de doelstelling Amerikaanse belangen zelfs ten koste van de partners te verdedigen, zie het verhaaltje Snowden, maakt dat we kunnen spreken van wat Imperium kan worden genoemd. O, en ze vinden zichzelf nog steeds het uitverkoren volk, beter dan de rest, met een messianistische overtuiging.

Waarschijnlijk ga ik in tegen de observaties en overdenkingen van een hoop mensen. De strijd die nu zo vol vuur tussen Democraten en Republikeinen wordt gevoerd gaat niet alleen over de toekomst van de VS zelf, maar ook over welke partij de teugels in handen mag nemen als het gaat om globale dominantie, om de nog uit te roepen Pax Americana.

Maar, als goede bondgenoten hebben we natuurlijk niets te vrezen. Niet alleen zijn we al oude handelspartners, we hebben ook niets te verbergen, dus wat ze spioneren moeten ze zelf weten. Bovendien zal er geen reden zijn voor de VS om drones te sturen, want we hebben niks wat ze zouden willen. Geen fossiele brandstoffen in ieder geval. We passen onze moraal al aan door ook geheel Politiek Correct te willen zijn. We zijn vaak nog beter op de hoogte van en meer betrokken bij wat er daar politiek gebeurt dan hier. Onze seminars en workshops worden steeds vaker door Amerikanen gegeven. Je telt in de wetenschap niet meer mee als je niet in het Engels schrijft, dus stukken over de Nederlandse taal vervallen sowieso. Onze kinderen groeien tweetalig op door de alomvattende popcultuur en het nieuw ingevoerde universiteitssysteem. Bachelor en masters, het is alsof we ons klaarmaken voor de nieuwe wereldheerschappij. Dat de toenemende economische ongelijkheid in de VS ook ons voorland is, door privatiseringen en het terugtrekken van de regering (typisch Amerikaanse ideologieën), nemen we voor lief. We spreken ons beste Engels tegen Amerikanen hier woonachtig, zonder dat we doorhebben hoezeer we nog steeds tekortschieten in hun meewarige blik. Alsof we de gewaardeerde, maar een beetje gekke opa zijn, met onze oubollige gedachten over traditie, menslievendheid en behoefte aan warmte.

Wacht eens even… Als de VS alleen nog maar actie onderneemt als hun belangen in gevaar komen en als dat voornamelijk economische belangen zijn, waarom zouden ze ons dan beschermen tegen bijvoorbeeld Rusland? Daar hebben ze niks tegen Zwarte Pieten, maar homofilie ligt er niet zo lekker. Nederland, Bescheidenland. Misschien hadden we ons toch beter op Duitsland kunnen richten.

Still van de videoclip van Rammstein - Amerika


vrijdag 11 oktober 2013

Zwarte Piet of niet - twee

Peinzend en malende blijkt dit onderwerp me niet los te laten. Blijkbaar ben ik gewoon nog teveel kind om een kinderfeest zomaar aan de kaken van de volwassenen over te laten.

Noem het een legende, een sage, een folklore, een sprookje of een verzinsel, de mythe van Sint en Piet, de enige echte mythe die ons land eigen is, staat andermaal onder druk. Oké, er zijn nog enkele andere mythen. Het koningshuis, dat vrouwen-beter-zijn-dan-mannen-of-andersom, dat Limburgers corrupt zijn en Friezen geen emoties kennen. Niet bepaald mooi, zulke gedachten, zeggen we dan. O, en dat de-politiek-alles-wel-zal-oplossen en dat kwaliteit-zichzelf-bewijst en minder-is-meer of dat Nederlanders-zo-tolerant-zijn bijvoorbeeld. Wat ik hier probeer te zeggen: een mythe is geen wetenschap. Het speelt zich in een ander deel van onze wereld af dan Het Bewijsbare.

In mijn wereldbeeld lopen deze twee domeinen naast elkaar: de wetenschap en de geest. Ze sluiten zo nu en dan op elkaar aan, maar de ene heeft zijn regels net als de andere. In De Wetenschap wordt er bewijs gevraagd. Liefst hard bewijs dat door meerdere wetenschappers kan worden gecontroleerd. In De Geest gaat het om argumenten, manipulaties, overtuigingen, gevoelens. Die geest is een samenhang van wat Wij Menschen aan overtuigingen etc hebben. Ik noem dit, misschien wat gemakzuchtig, de spirituele samenhang. Niet zweverig of Hemelsch, maar concreet, wat er in onze kop gebeurd, maar dan collectief. De mythe werkt als een symbool, een focuspunt van dit collectief en is zodoende onafhankelijk van individueel ingrijpen of wetenschappelijke bewijzen.

Dus, of Zwarte Piet een racistisch stereotype is ligt niet geheel aan de feiten (hoe hij bijvoorbeeld is ontstaan), maar aan welke plaats dit verzonnen karakter in onze Geest heeft gekregen.

Wat in een oogopslag blijkt is dat het is bedacht door een grotendeels homogeen volk voor de opvoeding van de kinderen. De beleveniswereld is dan ook helder en duidelijk in zwart-wit gegoten. Net als Tolkien of George Lucas hebben gedaan. Ze zagen er geen probleem in de negatieve kracht toe te wijzen aan het zwarte figuur. Dit grijpt terug op eerdere kleuropvattingen, waarin zwart als negatief werd ervaren. Al mag worden opgemerkt dat binnen de Calvinistische traditie zwarte kleding juist van een zeer godsvruchtig leven getuigde. Daarvoor hoef je alleen maar de Rembrandts portretten te zien van ernstige regenten en handelaars. Ook nu is zwarte kleding chic en gedistingeerd. Dat een bij uitstek katholieke heilige als Nicolaas in ons land de rol van kindervriend kreeg mag op zijn minst frappant worden genoemd.

Zoals gezegd, laat de feiten niet in de weg lopen van iets waar geen rationaliteit achter zit.

Voelen gekleurde mensen zich in deze maatschappij vaak gediscrimineerd, goedmoedig of niet? Ja. Worden ze dat ook? Zo nu en dan. Hebben veel blanke mensen in Nederland het gevoel dat de cultuur waarin ze zijn opgegroeid steeds minder belangrijk wordt en dat de hernieuwde aanval op Zwarte Piet direct aan hun tradities komt? Blijkbaar. Is Zwarte Piet een racistisch motief? Misschien, ooit niet, misschien daarna wel, niet in mijn jeugd, misschien zeker tijdens deze discussie die soms zeer onzalige vormen op Twitter en in meme’s aanneemt. Maar is het zo gek dat als mensen in onze maatschappij worden gediscrimineerd Zwarte Piet bij uitstek de vlag is om op te schieten? Alle venijn die de gekleurde Nederlander over zich heen krijgt wordt dan gevat in de knecht van Sinterklaas. Een aantal van hen is het zat om altijd de zwartepiet te krijgen. Kijk, dat is gewoon een werkwoord voor pech hebben en vals beschuldigd worden. Word zet er geen rood lijntje onder.

Gooi dat zwart van de Piet dan weg, zeggen er een aantal. Je kan hem ook in een ander kleurtje sauzen. Multicolor Piet is net zo goed. Maar als het zwart van Piet verdwijnt, hoe lang nog voor de Sint gaat? De twee kunnen niet zonder elkaar. Ze zijn beide net zo irrationeel. Niks is zo destructief voor een mythe als deze te nadrukkelijk onder de loep te houden.

En denk eens aan de dromen en verbeelding van het kind. Wij groeiden op met geloof en vertrouwen in het bovennatuurlijke. De lucide kinderen onder ons voelden wel nattigheid, maar als je zoals ik was, dan was er niks anders dan verwondering, elke december, elke pakjesavond weer. Wij kinderen geloofden in een man die honderd procent betrouwbaar was en hij had een knecht die snaaks en brutaal was, als een kind. Het was de grens naar de echte wereld die werd overschreden zodra we dat geloof begonnen te verliezen. Misschien is dat voor mij ook het moment geweest dat ik nooit meer echt in iets kon geloven, nooit meer een ander echt op een voetstuk kon zetten. Het is een van de weinige overgangsrituelen die onze maatschappij nog rijk is. Ik heb ook nooit het zwart van de Piet doorgetrokken naar het zwart van mijn medemens. Voor sommige Nederlanders is het zelfs de laatste keer dat ze direct in contact stonden met hun verbeelding.

Piet en Sint vormen een onlosmakelijk geheel in het kinderhoofd: zwart en wit, yin en yang, koe en boer. Juist in deze tegenstelling vindt het kind onbewust een oplossing voor de maatschappelijke en innerlijke problemen waarmee ze wordt geconfronteerd. Het sterke symbool zorgt voor ontlading, voor een uitlaatklep van allerlei moeilijk te controleren gevoelens. Sint en Piet staan voor de irrationaliteit, voor dromen, nachtmerries en de verbeelding.

De vraag mag natuurlijk blijven of Piet zwart moet, of dat het ook zo nu en dan de Sint kan zijn. Als de kleur er echt zoveel toe doet, waarom niet jaarlijks inwisselen? Maar op het moment dat je al te opzichtig gaat knutselen aan dit soort mythen verwatert de kracht en daarmee de functionaliteit. Wat er overblijft is ruimte voor een nieuwe mythe, eentje die misschien is verschoond van racistische suggesties. Maar juist door negatieve connotaties uit een mythe weg te halen verliest het aan kracht. Je hoeft maar te kijken naar hoe de robuuste en diep tragische Griekse held is vervallen tot de nogal weke Amerikaanse superheld.

Dat is dus wat er nu gebeurd. De mythe wordt tegen het licht gehouden, mensen raken aan beide kanten van streek, alle smerigheid van voor- en tegenstanders schrikt iedereen af, nog nooit is Piet zo racistisch geweest als nu er in zijn naam zoveel racisme wordt getweet, er wordt nog even gemopperd en over een aantal jaren is alles anders en veranderd. Ik herken mijn jeugd niet meer in de dan huidige jeugd en merk dat ik oud begin te worden. Iemand heeft iets cools verzonnen dat de plaats van de ouderwetse Sint heeft ingenomen. Ja, het is spannend, maar zorgt niet voor dezelfde spanning. Het is misschien een leuk commercieel product waar een jonge ondernemer rijk aan wordt. Het kind is uit de mens. De wereld is rationeel en tot rijtjeshuizen met protserige tuintjes en lelijke naamplaatjes teruggebracht. Het kwaad is uitgebannen. Niemand voelt zich nog beledigd.

Zie de maan schijnt
illustratie M. Ozymantra

woensdag 9 oktober 2013

Zwarte Piet of niet


(Nu al?)

In mijn korte leven, bijna 43 jaar oud, is er al zo veel veranderd dat het soms een beetje doet duizelen. Ik kan me herinneren dat terroristen vliegtuigen alleen kaapten om naar Cuba te gaan en dat computers alleen in films voorkwamen. Wij hadden maar twee tv-zenders, Sonja Barend en Jos brink. Geitenwollensokken werden gewoon overdag gedragen. Geld verdienen was een beetje vies en iedereen kon Koot & de Bie citeren. Alle mensen op tv waren wit, behalve Zwarte Piet, maar die was eigenlijk ook wit. Iedereen kende die ene Marokkaan bij ons op de middelbare school bij naam. Hij heette Mohammed, dus wat dat betreft is er niet veel veranderd. Tromgeroffel, tzjikka boem! Dat soort grapjes maak je toch niet? Niet meer. We hadden de Euro toen nog niet.

Hoe heet het als de lichten aanstaan op de vuilnisbelt? Koopavond voor de Turken. Dat soort grappen werd er in de jaren tachtig verteld. Ik schaam me ervoor dat ik het zo opschrijf. Ik had het niet eens door, toen, toen die grap werd verteld. Daar was ik te jong voor en ook wat naïef. Mijn neef snapte het misschien beter. Mijn ouders vast en zeker. Ja, die andere mensen, met die andere cultuur en dat kleurtje waren een beetje vreemd. Niet onze buren uit Indonesië, hoor. Misschien maakten anderen van hen een probleem, maar voor mij waren het gewoon de buren, alleen onnoemelijk exotisch en spannend. Stiekem een beetje beter dan die bleke klasgenootjes waar ik er geen meer van kan herinneren. Ik was vier of vijf. Als je in de jaren negentig een berichtje las over klotejochies die een oudje beroofden schoot de gedachte nog wel eens naar binnen dat het Marokkaantjes waren, maar de etniciteit werd nooit benoemd. Mocht dat niet? Werd daar niet op gelet? Het zou niet van belang moeten zijn. Iedereen gelijk in de delta achter de dijken. Ik moet waarschijnlijk klotejochies nu ook met een tussen-N schrijven. Op een dag werden Negerzoenen Zoenen en toen was de wereld anders.

Als welopgevoede jongeman schik ik mij tot op zekere hoogte met plezier naar de Politiek Correcte meetlat die er sinds de jaren ? over ons volk wordt neergelegd. Als instrument om diepgeworteld racisme in de Verenigde Staten aan te pakken werkte het aardig. Niet dat de rednecks opeens minder vooroordelen hebben, maar ze praten er tenminste niet meer zo gloedvol over. In Nederland moet dat ook werken, heeft iemand eens gedacht. En, ja, mensen discrimineren is niet aardig. Denken dat ze anders en vies zijn omdat ze een andere kleur of culturele achtergrond hebben is, lijkt mij, ieder zijn recht. “Ik ben een God in 't diepst van mijn gedachten.” Maar het uitspreken en de ander daarmee beledigen hoeft echt niet. Daar ligt de kern voor mij. Probeer wellevend jegens de ander te zijn. Natuurlijk verwerd het Politiek Correct denken in Nederland tot een soort tirannie, met gezichtsbepalende lui als de gedachtepolitie. Orwell had er van gesmuld, als het niet zo triest was. Op een dag kon je niet eens meer zeggen wat je dacht, want dat mocht je om te beginnen niet denken.

Was het werkelijk zo vreemd dat er een politicus begon te morren en zei wat ie dacht en deed wat ie zei? Is het werkelijk zo vreemd dat er mensen zijn die er andere gedachten op nahouden, misschien niet direct racistisch, misschien niet zo genuanceerd, liever nogal ongezouten, met scherpe kantjes en al, gedachten die niet door een filter van verstandige overwegingen zijn gedrupt, maar die eerder uit de eh buik komen geperst? Is het zo gek dat er mensen zijn die hun gevoel voor identiteit eerder uit de culturele verbanden van de natiestaat halen? Mensen die er niet om malen dat er geen “nationale cultuur” zou zijn volgens de heren wetenschappers. Natuurlijk zien zij zich over het algemeen niet als racisten. Is het Sinterklaasfeest, inclusief Zwarte Piet, niet juist dat feest voor hen om zich met elkaar te identificeren, om zich één met elkaar te voelen in een wereld die snel als een wervelstorm van vorm verandert en die bovendien soms ook bijzonder angstaanjagend is? Zoiets als het Koningshuis en Koninginnedag ook doet. We gaan toch ook niet Van Vollenhoven verbieden omdat dat beledigend is voor zwakzinnigen? Auw! Nee, schrijf dat toch niet op!

Ik laat het even staan. Al die beledigingen en foute grappen. Zwart op wit. Het is niet mijn stijl. Manno a manno a vrouwo ben ik zo nu en dan vreselijk ongenuanceerd, maar dat zijn vrienden en dat zijn woorden in de lucht die verdwijnen om nooit meer te worden gehoord. Mijn vrienden zouden me toch moeten kennen en weten dat het bravado is, braggadoccio, grollen en grotesken. Het een beetje op zijn kant zetten van de verwachtingen. Soms zoek ik de grenzen van het betamelijke op. Ik ben in veel oordelen een mild mens en alle mensen zijn mijn familie, zelfs de klootzakken zo nu en dan. Aan het papier (of beeldscherm) laat ik liever woorden achter die iedereen van verschillend geslacht en culturele achtergrond kan verdragen. Woorden die misschien iets toevoegen. Spot is daar soms zeer praktisch voor.

Zwarte Piet, is dat een cultureel racistisch stereotype? Het lijkt er wel op, maar het ligt er met zulke typeringen toch echt aan wie zich aangesproken voelt. Voor onze zwarte Nederlanders kan het best discriminerend aanvoelen, maar toen ik kind was, was Piet de handige jongen en Sint de goedzak. Zonder Piet kon hij niks. Ik zag niet eens een zwart persoon, maar een geschminkte bakra. Als je tegen blanke Nederlanders zegt dat hun Zwarte Piet een racistisch stereotype is, dan voelen ze zich misschien aangevallen. Omdat ze te horen krijgen dat ze als kind en later als volwassene racistisch zouden zijn geweest omdat ze genoten van het Sinterklaasfeest.

Het lijkt mij niet gek als de Piet op den duur van culturele identiteit verandert. Misschien een Aziatische, een Kaukasische en een Franse Piet. Een indianenPiet en een MarsmannenPiet, noem maar op. Kenneth Herdigein als Sinterklaas, waarom niet. Op den duur. Als het weer wat rustiger is in de wereld. Als we er niet ook weer een andere groep mensen mee kwetsen door hun volksfeest te verstoren. Weer de linkse intellectuelen die ons plezier afpakken, hoor ik ze roepen. Net als de gulden.

O, ja, waarom hebben we het hier over, twee maanden voor Sinterklaas? Het ligt blijkbaar bij beide kanten gevoelig. Dit onderwerp gaat over identiteit. De ene voelt zich daarin beledigd, de andere voelt zich daarin bedreigd. Daar wilde ik iets over schrijven.

illustratie M. Ozymantra

vrijdag 4 oktober 2013

Cultuurman!


Laat ik mij voorstellen. Ik werk al een tijdje voor de gemeenschap en ben een groot liefhebber van alles dat cultuur is. Je zou mij met enige fantasie de Superman van cultuur kunnen noemen. Echt, niks anders dan cultuur is wat ik dagelijks absorbeer. Ik hoef alleen te wijzen op mijn Mickeymouse-wekker die op Radio 1 staat afgesteld. Soms zet ik daarna tijdens het tandeborstelen zelfs André Rieu op. Er is weinig betere muziek in de ochtend dan Strauss. Al kan een deuntje Iron Maiden ook helpen om vooruit te komen. Soms is mijn hoofd nog van hout dankzij die fles rood en dat glaasje scheepsbitter erna. Mijn vrouw en ik weten wel hoe we van de avond moeten genieten!

Zo nu en dan gaan we ook naar een museum, hoor. Laatst waren we bijvoorbeeld in het Zuiderzeemuseum en vorige week hebben we een musicaltje gepikt, “De stratemakers op zee-show”. Dat was nog eens goed ouderwets vermaak. Daar gaan we voor. Die mensen kunnen echt zingen, weet je. Ik houd van goede dingen. Muzikanten die goed gitaar spelen. Schilders die weten hoe ze huid moeten schilderen. Acteurs die me aan het huilen kunnen brengen. Echt, ik kan dan best wel een traantje wegpikken bij Ciske de musical. Wat is dat toch intriest, hoe kinderen vroeger aan hun lot werden overgelaten. Vreselijk! Dat gun je toch niemand? En wat ook intriest is zijn die klodderaars, die herriemakers, dat soort lui. Of acteurs in theater die de hele tijd goddomme roepen. Niet dat ik iets tegen vloeken heb, maar het is niet nodig. Beschaving is wel nodig.


Ik en mijn vrouw gaan in ieder geval eenmaal per maand naar een tentoonstelling, film of toneelstuk. Het is mijn lust en leven. Alle bekende stukken van dit jaar heb ik gezien. Alle box-office krakers heb ik gezien, soms ook een arthousefilm, maar dan alleen de bekende. Je kan tenslotte niet alles zien. Ik ga ook regelmatig op een festival kijken. Ik zou daar niet zonder kunnen. Elk jaar wel eentje. De laatste was zelfs Pinkpop. Ha, we waren de jongste inderdaad, maar dat mag de pret niet drukken. Meestal gaan we naar Crossing Border of zoiets. Meestal is het daar gezellig. Dat is toch het belangrijkste, dat het gezellig is. We waren laatst op een literair festivalletje in de buurt en we zaten op die oncomfortabele stoelen de hele tijd te luisteren naar de een of andere onbekende dichter die zo vreselijk serieus was en er was eigenlijk nauwelijks kans om met wie dan ook te praten en ik zag mensen ongemakkelijk kijken, zo van, is het nou gebeurd, kunnen we dan even opstaan, de benen strekken, een biertje halen, wat bijkletsen, maar die gast, ja, het was ook nog eens een man, nou ja, jongen, die bleef maar doorzagen over het een of ander, iets maatschappelijks waar mijn hoofd pijn van deed, van dat denken waar een mens toch helemaal geen zin in heeft, en niemand durfde op te staan, iedereen verveelde zich, maar niemand durfde op te staan, want als er één zou opstaan zou iedereen volgen, dus deed ik dat uiteindelijk, nam het voortouw en de hele zaal was in één keer leeg. Beetje lullig, maar goed, dan had hij maar niet zo serieus moeten zijn.

Cultuurman
illustratie M. Ozymantra