zondag 18 juli 2010

Beeldverhaal hoofdstuk 12 – Rising out of chaos – 2008-09

Uiteindelijk lukte het om mijn huis zo om te bouwen dat het mogelijk was een atelier op zolder te hebben. Om verschillende redenen ging dit allemaal heel traag, onder andere omdat dat ik bijna constant bij PCM aan het werk was. Voor de grote dingen moeten we altijd veel tijd vrij maken. Misschien was het ook omdat ik lang met de kans rekening hield, bewust & onbewust, dat mijn toenmalige vriendin misschien zou intrekken. Met een atelier en een stellage om de schilderijen op te bergen was er eindelijk weer ruimte voor grote projecten. Ik was niet geheel ontevreden met die paar schilderijen en besteedde ook veel tijd aan gedichten, maar niets leek me leuker en uitdagender dan iets nieuws te beginnen. Een schilderij specifiek bleef mijn aandacht trekken: Monkey see. Het ontstond vrij eenvoudig. Een gekleurd vlak, een soort van lijst van dezelfde kleur, een oranjerood gekleurd figuur en wat nog meer? Ja, ik besloot er een geometrisch figuur in te plaatsen. Op zo’n manier dat het er geplakt uitzag. Er moest een verbinding zijn tussen het figuurtje en de vorm, alsof er een strijd plaatsvond tussen twee uitersten, waarvan de meest voor de hand liggende in dit schilderij die van emotie en ratio was. Ik schilderde daarna nog een ander in deze trant: Mr. Skeletondude, gebaseerd op een krabbeltje die ik eens gedachteloos bij de schrijfgroep maakte, waar ik toen al een tijdje deel van uitmaakte. Ik heb dat wel vaker gedaan, krabbels als basis voor schilderijen gebruikt. Kijk maar eens naar ‘Reaching for Valhalla’ (vorig hoofdstuk).

Zoals dat wel vaker gaat had ik me een vakantie als wortel voor de neus gehouden om de maanden van werk bij PCM door te komen. Alleen als er uitzicht is op iets goeds, liefst een vakantie, kan ik dat soort misère verdragen. Het was zo gepland dat het samenviel met het opheffen van de afdeling, maar bij nader inzien bleek dit niet het geval. Maar dat is niet van belang! Wat wel van belang was is dat ik het vliegtuig terug miste en een extra nacht in New York moest doorbrengen. Tijdens een wandeling van mijn hostel in de avond kreeg ik een ingeving over wat de volgende stap zou worden. Ik wist eindelijk wat mijn nieuwe project ging worden! in eerste instantie zou ik vrouwen schilderen waarmee ik een sterke emotionele connectie had. Het ging er niet om dat ik een relatie met ze had gehad of dat ik ze zeer intiem kende, het mochten ook vrouwen zijn die ik eenmalig had ontmoet en aldus een toch een sterke herinnering hadden opgeroepen. Zoals iemand wel eens op straat naar je kan kijken en dat die blik nooit meer vergeten wordt, iconografisch vastgeklonken aan iets in het hoofd, resonerend met diepere verlangens, weerkaatsend tegen allerlei lang verborgen herinneringen. Dat was het uitgangspunt, maar al snel kwamen daar andere onderwerpen bij en natuurlijk heb ik dit evengoed mijn hele schildersleven al gedaan, zij het wat minder precies. Ik zou ook vrienden en andere mannen in dit schilderen betrekken, ik zou ook groepjes afbeelden die een directe connectie tot mij hebben. Dit allemaal op de manier dat ik ‘Monkey see’ had geschilderd. Wat wilde vlekken en strepen in kleuren verbonden met het onderwerp, een vlak dat vastheid moest geven en eenzelfde verbondenheid in kleur, een figuur en enkele elementen die directe herinneringen opriepen. Dat niet alleen, maar er zouden ook woorden in komen, klein en soms half uitgewist, maar relaterend, verder vertellend, meet associaties oproepend, met kleine streepjes direct verwijzend naar de figuren, alsof het pijltjes en blokjes zijn in een soort computerprogramma, altijd cirkelend rond de mensen, telkens van perspectief verwisselend. En inderdaad, ik schreef de letters soms in perspectief, maar dit laatste idee viel al vrij snel weg. Het zag er toch een beetje te gekunsteld uit.

Het was rond deze tijd dat een goede vriend van de Rode Hoed, Marco Depiaggi, met het idee kwam om een galerie in zijn huis te starten. Galerie Radar Architecture&Art. Ik was snel enthousiast en besloot actief mee te helpen en stelde voor dat Marc Scheelen ook ging deelnemen. Gedrieën, met Weronika, Marco’s vriendin zochten we uit hoe dat moest, een galerie uitbaten. Marc had al veel ervaring vanwege zijn opleiding tot museumkundige en ik had al veel openingen afgelopen. Dit gaf me een goede kans om dichter bij de kunstwereld betrokken te worden en bovendien, enigszins niet gerelateerd tot mijn hulp, wilde Marco ook mijn schilderijen exposeren. Zodoende had ik in 2009 mijn eerste expositie in een echte galerie. We besloten deze ‘Rising out of chaos’ te noemen, een titel die voor mij in eerste instantie verwees naar de manier waarop het werk tot stand kwam, zo vanuit een hoop willekeurige kwaststreken en een zompige herinnering, maar achteraf gezien, en ik zeg dit misschien ten overvloede, is het ook een titel die mijn vernieuwde opwaartse gang als kunstenaar beschrijft. Elk Oudennieuw dat men mij vraagt wat ik ben antwoord ik dan ook vol zelfvertrouwen: Kunstenaar.

Sinds de betreffende expositie ben ik overigens vooral bezig geweest met mijn roman en met het in kaart brengen en aan de man brengen van mijn kunst. Schrijven of schilderen, het is wezenlijk anders, maar het kan beide kunst zijn.

Hier te zien: Monkey see, Mr. Skeletondude, Entanglement, The Frenz, Cavepainting, C’est Bon, Giorgia, The ring, Cuddly, Dear Abby, Rachida, Caridad, Sunset, Self-portrait, enkele voorschetsen.

Meer afbeeldingen te zien op ozymantra.nl.



























donderdag 15 juli 2010

Beeldverhaal Hoofdstuk 11 – The search continues… 2005-08

Ik weet niet meer precies in welke volgorde deze zaken gebeurden. Het ging uit met mijn vriendin waarmee ik het misschien iets te snel had aangemaakt, want het was toen nog maar net uit met degene ervoor, waarmee ik erg heftige ups en downs had. Ik moest een echte baan vinden omdat werk bij de Rode Hoed niet voldoende was. Ik had eigenlijk niet genoeg geld om het atelier te betalen, onder andere omdat mijn partner in de huur weg ging, maar misschien was dat laatste wel omdat ik mijn deel van de huur niet meer kon betalen. Ik ging werken als leraar techniek op het Gerrit van der Veen-college in Amsterdam-Zuid. Wacht, toen had ik die vriendin nog… Mijn herinneringen van deze tijd zijn vaag en gekleurd door een gevoel van verlies. Ik had geen atelier meer en nauwelijks ruimte om mijn schilderijen op te bergen, laat staan om normaal te schilderen. Ik ging weg van het college omdat ik gek werd van het idee zo te moeten leven en startte met werk bij de Oude Kerk. Dit allemaal naast werk in de Rode Hoed. Toen ik stopte met de Hoed konden ze me niet genoeg werk garanderen bij de Kerk en nam ik een echte baan bij PCM, het bedrijf dat het grootste gedeelte van de nationale kranten uitgaf. Nou ja, ‘echte baan’… Ik kwam er als oproepkracht dankzij Marc Scheelen die er een maandje of wat had gewerkt en die ik bij de Rode Hoed had ontmoet.

Rode draad in al dit is hier overduidelijk geld. Soms verkocht ik wel eens aan vrienden, soms aan vreemden, veel werd verkocht via de website Artolive. Toen ik er in ’99 bijkwam was het nog maar net begonnen en gratis. Iedereen kon erop. Er werd overduidelijk geen onderscheid in kwaliteit gemaakt. Het duurde een jaar of twee, maar toen verhuurde en verkocht ik regelmatig. Helaas werd me nooit verteld aan wie en dus beschouw ik die schilderijen enigszins als verloren. Er kwam wel geld binnen, maar er werd geen reputatie gebouwd of klantenkring opgezet. Zij hadden duizenden kunstenaars die werk voor hun verkochten waar zij gedrieën een aardig salaris van trokken. Een oneerlijke zaak, begon me op te vallen.

PCM was een interessante plek. Iets geheel nieuws voor mij. Drie of vier dagen per week van 8 tot 4. Stapels papier in volgorde in enveloppen stoppen, aan elkaar nieten en dan de volgende stapel. Achter elkaar door, met als enige uitzonderingen extra krantenbijlagen of het instorten van het computersysteem. Een nerveus opgefokte beweging van herhaling dag in dag uit met Arrow Classic Rock op de achtergrond en gesprekken over muziek van voor de jaren tachtig. Die gesprekken met mijn collega René en met Matthijs (die helaas weg ging naar een andere afdeling) waren het enige dat me in staat stelde dit enigszins te overleven. Ik voelde me soms als Henry Miller in Tropic of cancer in de greep van een grote machine die me probeerde te vermorzelen. Nu en dan moest ik zelfs direct achter de computer plaatsnemen omdat iemand op vakantie ging of ziek was en dan de hele stroom beheren via allerlei archaïsche computerprogramma’s. Dan voelde ik me als Dostojevsky voor het vuurpeloton waarvan de geweren nooit echt afgingen.

Was het lijden? Jazeker, maar natuurlijk niet als aan een echte ziekte of als aan de honger. Ik had geen atelier en kon niet boven water komen om adem te halen. Ik moest van alles in mijn huis veranderen om een beetje te kunnen werken en was ervan overtuigd enkele schilderijen te moeten vernietigen. Zo’n dertig ging het mes doorheen. Ze waren allen van niet al te grote kwaliteit, maar voor iemand die zijn creaties beschouwd als zijn kinderen is dit op zijn minst gezegd niet plezierig. Ik heb wel een traantje moeten wegpinken. Het toppunt van ellende was dat ik op Oudennieuw tussen de journalisten, redacteuren en schrijvers stond en door iemand gevraagd werd wat ik deed en er niet eens meer op kwam kunstenaar te antwoorden.
Toch maakte ik enkele kleine schilderijen gedurende die tijd, op zijn minst om soepel te blijven, maar ook om te begrijpen waar ik mee bezig was. Deze mondden uit in enkele grotere werken waarin veel beeldende ervaring werd samengebald. Erop terugkijkend ben ik over deze dan weer zeer tevreden.

Hier te zien: Annihilating infinity (geïnspireerd op de Ultimate Nullifier uit Fantastic Four, zoals bedacht door Jack Kirby, een wapen waarmee het universum ongedaan gemaakt kon worden), Birdie, Booty, Cult of Sebek (een plotselinge fascinatie voor de Egyptische krokodillengod resulteerde in dit schilderij en een verhaal), Haat is lachen, Love is in the air, Paint is cool, Reaching for Valhalla, The appeal (waarin een alternatief Adam & Eva-verhaal wordt verteld), enkele schetsen.

Meer afbeeldingen op ozymantra.nl.